Arie de Gruijter

Mijn ouders waren van mening dat pianoles bij je opvoeding hoort. Van mijn 6e tot mijn 11e heb ik les gehad. Ik was niet enthousiast; achteraf ben ik blij met deze inwijding in de wereld van de muziek. Het was ouderwets maar degelijk: spelen wat er staat, let op de tekens en de dynamiek (helaas geen muziek theorie/akkoorden etc.) .

Op mijn 17e ben ik weer korte les gaan nemen. Met blaasinstrumenten ben ik begonnen op mijn 16e bij een harmonievereniging (opgericht en gedirigeerd door mijn grootvader). Ik kreeg les, eerst op bugel, toen op hoorn en uiteindelijk de klarinet omdat ik te weinig oefende om voldoende “ammezuur” op het koper te krijgen. Op mijn 17e speelde ik in de schoolband met de grote naam “The Rivertown Dixie Kids”. Ik heb laatst nog een opname uit die tijd gehoord: verschrikkelijk! Maar we maakten wel indruk op de meisjes. Bij het in dienst gaan kwam hier een einde aan.

Ik ben altijd piano blijven spelen (veel klassiek), voor langere perioden onderbroken door mijn "omzwervingen over de wereld." De klarinet heb ik al die tijd bewaard maar er niet meer op gespeeld totdat ik in 2006 bij No Guts No Glory ben gekomen via een artikeltje in de Roosendaalse Bode. Aanvankelijk was mijn spel bedroevend, maar omdat ik als “zij-instromer/laatbloeier” na 45 jaar niet spelen ook weer les ging nemen (ik ben de oudste leerling van de muziekschool) heb ik toch nog vooruitgang geboekt.

Ik heb nog een paar jaar (tot begin 2011) bij het illustere Roosendaalse gezelschap “IQ-Aarmoeinieke” gespeeld. Regelmatig speel ik met Hans Wijngaards (toetsenist) voornamelijk jazz, latin en lichte muziek.

Klik hier om terug te gaan naar pagina leden.

(c) - No Guts No Glory